Om alle inhoud te kunnen zien hebt u de actuele versie van Adobe Flash Player nodig.

Startpagina Statuten Werkgroepen Dagboek   Foto's  Video's Activiteiten LGOG Contact Privacy-verklaring Links Bestuur Archief 

Dagboek

Dagboek van Sjeng Giesberts van 8 Oct. 1944 tot 21 Mei 1945Blz. 18 October 1944Ik ga met mijn moeder op een stralende Zondagmorgen in den oorlogstijd naar de kerk. Na de H. Mis ga ik reeds vooruit naar huis met Giel Schreurs. Onderweg vertelt men ons dat de Duitsers onderweg arbeiders vragen voor een paar dagen te werken. Wij wijken uit naar Veers langs Peeters. Frönke)Onderweg worden we toch aangehouden.Ook Sjaak, Koen Willems en Hein Gastreich moeten mee. Thei Gastreich ontsnapt in de struiken. Bij Hebben in de zaal (“De Heksendans”) worden we als vee bij mekaar gedreven. Steeds groter wordt het aantal gevangenen. Dat we dit zijn staat bij ons spoedig vast. Er worden aardappels en boterhammen bijeen gebracht. Tegen de middag gaan we vertrekken. Eerst de Maas over, daarna rusten. Tegen den avond gaan we naarBelfeld. Ik kan onderweg op de Reuver de meester en Marie nog groeten. In Belfeld moeten we op het station lang wachten. Hier wordt nog brood en melk gebracht voor ons. Laterhand zijn nog een kleine duizend Heldensen bijgekomen. Wij zijn met 98.Nadat het reeds lang donker is moeten we de trein in.Waar gaan we heen? Het is een droevige reis. Hoeveel gezinnen zijn in onze rustige dorpen op deze dag niet uit elkaar gerukt.De trein zet zich in beweging. Onze reis wordt de volgende dag vroeg in de morgen beëindigd in Wuppertal om 4 uur in de morgen. Na hier een dag doorgebracht te hebben op wat soep krijgen we tegen de avond een brood en wat boter. Spoedig hierna vertrekken we naar de trein.Na uren wat oponthoud door luchtalarm komen we bij de trein. Dit blijkt een gewone veewagen te zijn.We moeten in iedere wagon met vijftig tot zeventig man instappen. Het is nacht en binnen stikdonker. Zitten gaat niet en liggen ook niet. Alles zit in het donker spoedig door mekaar. Eensklaps zet de trein zich met een schol in beweging. Alles rolt door mekaar. Het wordt een ellendige reis die 33 uren aan één stuk duurt. We zijn dan ook blij als we uit mogen stappen in Lehrte.Van Wuppertal tot Lehrte 33 uur in de trein. Aankomst 16 Oct.Hier komen we in barakken te liggen. Eten is hier in deze barakken zeer schaars. Luizen en vlooien en wandluizen niet. We krijgen hier ’s morgens een snee brood met voldoende boter. ’s Middags een kom soep. ’s Avonds weer eens nee brood. Na een paar dagen worden we reeds zeer slap.Op het einde van de week worden we ontluisd. Het is hier in deze barakken zeer vies en daar buiten nog viezer. Op Donderdagmorgen mogen we mishoorennaar de kerk is mishooren, naar de Mis.In het kamp. Een pater Fransiskaan is met ons meegekomen. Ook mogen we ter Heilige Tafel naderen. Op Dinsdag gaan we weer uit Lehrte vertrekken. Onze reis gaat naar Hanover. Onderweg ontmoetten we een kar rooie wortelen. Deze wordt, ondanks verweer van de voerman geplunderd. Met de trein zijn we spoedig te Hanover aangekomen. Hier worden we onder het station in een schuilkelder gedreven.Dinsdag 18 Oct. Vertrek uit Lehrte naar Hanover.Een groote groep S.A. volgt ons. Spoedig volgt een soort markt. Ieder S.A.man krijgt 25 man toegewezen. Velen van ons breekt hier in deze kelder het angstzweet uit. Het is een geschreeuw van de bruine heeren van belang. Na ingedeeld te zijn – ik ben bij de laatste groep – mogen we de kelder verlaten. Onderweg krijgen we een brood en een flinke portie lekker vleesch. Wat een heerlijkheid.S.A. zijn vurige aanhangers van Hitler in bruine pakken.Buiten gekomen staat weer een trein op ons te wachten. Nu geen beestenwagen, maar een oude D.trein. Na ingestapt zet de trein zich spoedig in beweging. Het wordt een snelle reis waarvan het einddoel Erkelenz is. Hier hooren we weer de kanonnen bulderen. Daar het hier niet zo heel veilig meer is worden we naar Viersen gedirigeerd. Onderweg worden we beschoten door jagers. Jagers zijn Engelse vliegtuigen. Dit blijkt echter spoedig op het flak gericht te zijn. Na weer ingestapt te zijn blijkt dat velen het hazenpad gekozen te hebben in de richting der Ned. Grens. Tegen de middag komen we te Viersen aan. Dit stadje is nog van bommen verschoond gebleven. We worden in twee scholen ingekwartierd. Mijn vrienden zijn in d Feldschule ik in schule Shulthijsenhof. De bedoeling is ons in Viersen te laten schansen. Onze ligging is hier watGiel was in de Feldschule. beter dan in Lehrte. Verwarming is hier ook aanwezig. De volgende morgen moeten we aantreden. Het regent dat het giet. We moeten met dit weer naar ons werk. Wat moet dit worden? Spoedig wordt echter afgecommandeerd. De volgende dagen zijn eentonig. Steeds schansen van 8 tot 3 uur. Ons eten is iedere dag 1/3 brood met boter en wordt en een liter soep.Spoedig wordt echter afgekommandeerd. Schansen is met de schop loopgraven maken.In het begin krijgen we iedere dag twee cigaretten. Dit is echter spoedig gedaan. De bruine heeren die ons trouw iedere dag naar ons werk vergezellen rooken zelf ook graag. Inmiddels kom ik op ziekenrapport te staan. In deze tijd komen vele berichten van thuis. Met een auto gaat men ook pakjes halen naar huis. Het is in spanning afwachten naar bericht. Eindelijk met de laatste reis komt bericht en een groot pak kleeren.In Viersen is Sjeng op Ziekenrapport 15 dagen.Welk een blijde dag.Ik lig nu in een lokaal met 4 andere Kesselsen. H. Wulms, Th. Verkoelen, W. Burhenne en Jo Beenen. Na 15 dagen moet ik weer mee schansen. Het is nu toch beter. Het werk is licht, maar voortdurend knaagt de honger. Iedere Zondag mogen we om 4 uur naar de kerk. Een Zondag volgt een licht bombardement van Viersen. Om twaalf uur zijn we van ons werk terug. Blz. 13Maar moeten onmiddellijk naar de baan. Deze zondag komen we niet in de kerk. Na vele dagen van eentonig vervelend werk na kou en nattigheid nadert de kersttijd. Welk een schoone tijd anders. Wat een verlangen naar huis. We hoeven gelukkig niet te werken de 2 kerstdagen. We krijgen wat cigaretten en koekjes wat wijn (maar slechte) en mogen op tijd naar de kerk.Blz. 14Na kerstmis is er niet veel te beginnen in de hardbevroren grond en krijgen we het zeer gemakkelijk. Ook eten gaat nogal. Er is nl. tamelijk goed een stukje brood bij te krijgen. Doorgehaald:We krijgen in deze dagen verandering in leiding. Verandering is niet altijd verbetering. onderhand beIn het laatst van de week moeten we van onze kamer met tien man ’s nachts naar de baan. Dit valt nogal mee. We mogen als het niet sneeuwt de hele nacht slapen.Blz. 15We brengen hier ook oudejaarsavond door. Ik zal deze nooit vergeten. Waar blijven onze koekjes, waar onze smakelijke pijptabak, waar onze gemakkelijke canapé? De volgende dag Nieuwjaar wordt niet gewerkt.Wij nachtwakers (slapers) op de baan hoeven overdag steeds niet te werken. Na een week moeten we weer mee schansen. Onderhand is de leiding veranderd. Voor onze bruine bazen komen bruinen in burgers terug. Iedere verandering is echter geen verbetering. De eerste dag moeten we sneeuwruimen. De volgende dagen worden moeilijker. We moeten naar ’t Ven schansen. 2 uur gaan door sneeuw op slechte klompen of houtschoenen met honger valt heus niet mee. Na een paar weken moesten we ophouwen en drienachten naar Neuss naar de baan. In een trein met stukkenDe eerste dag moeten we sneeuwruimen.Naar ’t Ven schansen. 2 uur lopen gaan door de sneeuw op sclechte klompen of houtschoenen.ruiten in het holst van de nacht door sneeuw en koude. Ons werk in Neuss is in hoofdzaak koulijden. Na deze dagen moeten we dichtbij schansen. We maken veel meer uren per dag. Op een zondag moeten we de heele dag in de regen blijven werken. Spoedig hierna heeft Viersen onder een zwaar bombardement te lijden. Vele dooden, ook 3 kameraden zijn te betreuren. Veel schansers gaan de volgende dagen in Viersen in de stad werken.Na deze dagen moeten we dichtbij schansen. We maken veel meer uren per dag. Op een zondag moeten we de hele dag in de regen blijven werken. Spoedig hier-(3 nachten in Neuss) na heeft Viersen onder een zwaar bombardement te lijden. Vele doden, ook 3 kameraden zijn te betreuren. Veel schansers gaan de volgende dagen in Viersen in de stad werken.Zes weken later, 24 Februari bij prachtig weer terwijl wij zijn schansen wederom door een bombardement getroffen duizenden brandbommen regenen op de stad neer. Deze zit spoedig in een dichte rook. Ook onze school gaat in vlammen op. Als we na het werk thuis komen bezitten we niets dan hetgeen we aan hebben. De kerk is ook totaal uitgebrand’s Nachts moeten we in een schuur onderdak zoeken.24 Febr. Brandbommen, rookbommen, Ook onze school, gaat in vlammen op.Op 27 Februari gaat het Duitse leger snel terug trekken. Om 2 uur moeten ook wij vertrekken. Samen met de Feldschule wordt opgebroken naar Dusseldorf-Eller. De hele nacht loopen ondanks blaaren aan de voeten. Om 7 uur in de morgen komen we in Eller aan. ’s Middags wordt wederom vertrokken. Nu terug over Dusseldorf naar Bockem. Men weet geen goede raad met ons. We worden nu ingekwartierd in een schuur. Koudelijden is nu ons deel.27 Febr. Weer wordt Viersen gebombardeerd. Omdat de Gealliëerden naderde gingen de Duitsers en dus ook de Hollandse schanser verder Duitsland in. Dusseldorf-Bockum.Een heele week werden wij gebracht van de eene schuur in de andere. Een nacht moeten we van 12 – 6 uur in het donker schansen en een paar granatenbewijzen dat het optrekkende leger niet ver meer af is. De volgende dag vertrekken we naar Lintorf. ’s Avonds komen we hier aan. Eerst krijgen we hier een brood met marmelade. We zijn lang niet meer bij mekaar. Daarna worden we in het stikdonker op een fabrieks-zolder gedreven. Met veel geluk worden op deze hooge fabriekszolder ongelukken voorkomen. Op deze fabriek wordt ons de volgende dag werk en eten aangeboden. Na een dag gewerkt te hebben blijkt dat we bedrogen uitkomen. We zijn door onze leiders in de steek gelaten zonder verzorging. We gaan nu naar het lager te Lintorf.Hier krijgen we een slaapplaats aangewezen. Onze verzorging is 700 gr brood met boter en worst en een liter soep. De volgende dag moeten we reeds weer gaan schansenen 1 uur loopen en dan granaatvuur dichtbij. Steeds ook ’s nachts granaatvuur. Slapen valt niet mee in ..hooren en luizen hitten. Het leven wordt hier zeer zwaar zeer weinig eten. We vragen ons dikwijls af hoe lang nog.April 10. wij hoeven niet te schansen en trekken er ’s middags met vier tusschen uit. Twee onzer hadden reeds een plaaats bij een boer. Giel en ik echter niet. Wij er op uit. De eerste teleurstelling was een aanhouding. Wij kwamen hier goed vanaf. Een woonplaats konden we echter niet bekomen. We konden bij Sjaak op de boerderij slapen granaten suizen over het dak10 April (Sjaak) is Sjaak en Koen Willems, hadden al een plaats bij ’n boer. De vier, dat zijn Sjaak en Koen en Sjeng en Giel. Zij proberen bij boeren onderdak en eten te krijgen. Maar dat deden allen die in Viersen vertrokken waren. Dus het lukte niet gauw.April 11. Na een slechte nacht getergd door vlooien, luizen en ander ongedierte waren wij om acht uur weer op stap.Na in Dusseldorf verschillende teleurstellingen opgeloopen te hebben togen wij naar Henzel. Boerderij na boerderij klopten wij aan maar alles was bezet. Geheel ontmoedigd gingen we weer terug naar Lintorf. Op een oude boerderij kregen we op wat stro onderdak voor deze nacht. Hiermee sloten we een prachtigen dag na zeer veel teleurstellingen. ’s Nachts kwamen Duitse soldaten bij ons slapen. Ze vertelden de Amerikanen in Arnhem hen dicht op de hielen. 12 April. Om acht uur, ik schaam me, lieten we ons bed weer in de steek. Weer de boer op. Een vrouw beloofde ons aardappels te koken en onderdak voor de nacht.12 April. sloten een prachtige dag na veel teleurstellingen. ’s Nachts kwamen Duitse soldaten bij ons slapen. Ze vertelde dat de Amerikanen zaten hen dicht op de hielen.Wij verder om werk, brood en aardappels. Spoedig hadden we deze dag geluk. Eerst wat aardappels. Daarna werk voor een dag in een tuin. Na wat inspannende arbeid mochten wij aanzitten aan den middagdisch. Heerlijk wat smaakte ons het middageten na zoo lange weer eens fijn. Om 5 uur hadden wij avond. Weer drie lekkere ronde boterhammen met worst waren het resultaat voor onze arbeid. Blij te moede togen we naar onze slaapplaats.Onderweg deden we nog wat brood en aardappels op. Op onze slaapplaats aangekomen moesten we van onze gastvrouw onze aardappels schillen. Deze waren spoedig gekookt. Tot onze verrassing kregen we een pan heerlijke speksous. Welk een tegenstelling met het lager te Linstorf.Na een lange nacht, die (o)veral luizen. Toch stonden we om 7 uur weer op de been.13 April. Een heerlijke kop koffie smaakte ons wel. Spoedig togen we als volleerde vagebonden weer over de weg. Aardappels lukte niet zo erg. Op één plaats werden we zelfs weggejaagd. Hierna kwamen we bij een geëvacueerde. Wat aardappels geschild van onze voorraad. Moeder de vrouw aan het werk en we hadden spoedig een heerlijk gerecht. Een flinke kom karbonadesaus en we lieten het ons best smaken. Een poos later was weer middageten. Hierna togen we weer naar onze nachtplaats. Na wat gearbeid te hebben had onze gastvrouw de aardappels gaar. Weer heerlijke sous en daarna pap. We begonnen ons thuis te voelen. Granaatvuren en verdere strijd waren onderhand afgelopen.We besloten deze avond om de volgende dag op stap te gaan naar huis.14 April. na zeer slecht geslapen te hebben waren we smorgens vroeg op de been. De koffie smaakte ons goed. Na afscheid genomen te hebben waren we spoedig een flink eind uit de buurt. Giel had zieke voeten maar weerde zich goed. Onderweg mochten we op een wagen gaan zitten tot een heel stuk in Mülheim. Hier zagen we14 April. De boerin had iets voor Giel klaargemaakt dat hij zijn ontstoken voeten kon baden en hem daarna de voeten verbonden.overal op de straat Amerikaanse soldaten. Toen we Oberhausen ongeveer gepasseerd waren kwamen we hier voor het kanaal en was onze tocht jammer genoeg voorlopig uit. Wij gingen hier vrijwillig in een bunker en kregen al spoedig een flinke kop soep. In deze bunker was het vrij koud en nat. Velen hadden hier een onderkomen. Russen, Polen, Italianen, Belgen, Fransen, Hollanders. Eten kregen we hier genoeg. Slapen was slecht.15 April. een heerlijke zondagmorgen. Naar de kerk konden we niet. Een kerk was er niet meer. Deze dag gebeurde er niets bijzonders.16 April. wederom pracht weer. Doorgestreept: s Morgens na We hadden onderhand gezelschap gekregen van twee Heldense. H. Kuipers en J. Knoops. Ze hadden een ander vertrek voor ons opgezocht. Een paar houten bedsteden een bank en ons meubilair was bij mekaar. De hele nacht werd buiten verder uitgerust. Om twee uur en zes uur kregen we weer soep en brood met vet.17 April. Groote wasdag. Mijn was is spoedig in een emmer gekookt en tegen de avond droog. Een heerlijk gevoel. Weer eens tamelijk schoon goed aan te hebben.17 April. Wederom wasdag.18 April. Ook wasdag. Zouden we nog niet naar huis mogen?17 April. Groote wasdag. Mijn was is spoedig in een emmer gekookt en tegen de avond droog. Een heerlijk gevoel. Weer eens tamelijk schoon goed aan te hebben.18 April. Ook wasdag. Zouden we nog niet naar huis mogen?19 April. Een prachtige dag van niets doen. Het verlangen naar huis wordt steeds grooter. Het eten blijft ook wel goed. 20. April. wij mogen de stad in om bonnen. Resultaat, na lang wachten een bon voor broek, onderbroek, sporthemd, kousen en schoenen. Nu koopen. Dit is gauwer gezegd dan gedaan. Schoenen en broek zijn nog te krijgen. Na aankoop gaan we weer naar de bunker. Slapen gaat onderhand best.19 April + 20 April.We blijven deze dag binnen en schrijven ons laat begonnen dagboek bij. Voor de eerste keer zoolang we in Duitsland verblijven krijgen we eens middageten uit de keuken. Dit laten we ons natuurlijk goed smaken. De volgende dagen gaan zeer eentonig voorbij totdat wij op zaterdag gaan vertrekken naar een ander gebouw. Hier is het tamelijk koud en er Een groote wind tussen ………………………………21 April. Om acht uur gaan we weer de stad in. We krijgen verbande spullen van Viersen hier nu uitbetaald. Met deze marken gaan we nu inkopen doen. Overal uitverkocht. Een sporthemd is het enige resultaat. Weer naar de bunker terug. We zijn onderhand een week hier. Nog niets wanneer we naar huis moogen. 22 April. Zondag. Het mooie weer is gedaan. Een koude, bewolkte hemel(21 April. Mülheim.en welk een einde.Hongersnood of een spoedige nederlaag van het Duitse leger. Pasen moeten we gaan schansen. Tweede paasdag echter niet. We koken onderhand een potje koolraap of boerenkool met aardappels bij. Dit flauwe goedje smaakt ons hier wonder wel. Zoo gaat deze schoone Paastijdt zeer treurig voorbij. Onderhand steeds geplaagd door de luizen. Spoedig komt er weer een wending. Als de nood het hoogst is, is de redding het meest nabij.Pasen 29 April?De dagen vallen hier tamelijk lang. Maandagmiddag komt plotseling bericht dat wij Dinsdag naar Limburg terug mogen. Welk een blijdschap. Dinsdagmorgen is het enkele uren wachten totdat vier militaire auto’s verschijnen. Opladen en instappen is gauw gebeurd. Dan in snelle vaart naar Limburg. Wij passeren de grens bij Venlo. Van hier gaat het naar Maastricht.. Veel koude op deze open wagens. In Maastricht krijgen we direct dikke boterhammen en een goede verzorging. We spelen ‘s avonds een partijtje kaart. 4 Mei.De volgende morgen moeten we om acht uur op. Na de middag moeten we naar een ander gebouw. Hier worden wij met onze bagage ingespoten tegen ongedierte. Na gekeurd te zijn mogen we naar huis. Welk een blijdschap. Daar het inmiddels tamelijk laat is geworden meenen we beter te doen met te wachten tot de volgende morgen. Giel gaat naar huis. Wij rijden met de auto naar Valkenburg. Hier hoor ik direct geruchten dat wij niet naar huis mogen. De volgende morgen blijkt dat waar te zijn, maar tegen den avond bij de dokter te zijn geweest zullen we dan mogen vertrekken.4 Mei. Giel met ’n moterrijder naar Kessel vanaf Maastricht.Toen we zoowat aan de beurt waren wordt ineens stop gezet. Het blijk dat in Limburg vlektyphus is uitgebroken. Het gebouw waarin we verkeerden blijkt hierdoor gesloten te worden en niemand mag het mischien tot 10 dagen toe verlaten. Geweldige teleurstelling. Wat benijden we nu Giel Schreurs. De kost is hier zeer schaars. We schrijven naar huis om eten en tabak. Maar ons schijnt nu alles tegen te lopen. Niets geen bericht van huis. Onderhand valt hierdoor als een blijde gebeurtenis de overgave van het Duitse leger in Nederland. Wij wachten met wanhopend verlangen de dag af dat we eindelijk naar huis mogen.De dagen verlopen eentonig. ’s Morgens 8 uur H. Mis, daarna boterhammen 1 uur een beetje slecht eten en om 6 uur avondeten. We hebben hier weer net als vroeger in Duitsland steeds een leege maag.Onze tabak die we in Oberhausen hadden gekregen is nu ook opgeraakt. We vragen in deze dag of we nog niet naar huis mogen. De commandant zegt iedere keer nog een paar dagen. Woensdagmorgen ga ik naar beneden in de wachtzaal. Wat een verassing toen ik Coen daar zag staan. Hij bracht ons wat eten en tabak. Wat hadden wij veel te vertellen. Alles was thuis goed.Dit was voor mij een heele verlichting. Na wat gepraat te hebben moest ook hij weer vertrekken. Wij direct flink aan ’t rooken. De volgende dag was het hemelvaartsdag. Deze dag was zeer warm en duurde ons zeer lang. Men vertelde ons nu dat we nog 12 dagen moesten blijven. Weer een groote teleurstelling. Ik ga me om 4 uur biechten. De volgende dagen verlopen vrij eentonig. Woensdagmorgen een verrassing. Koen is weer naar Valkenburg gekomen. Een flink pak eten en tabak en ik ben weer gered. De volgende dag komt weer een pak. Nu wordt ons gezegd dat we Maandag naar huis mogen. Zondag kregen we verlof om naar huis te gaan. We bestellen een auto. Na de middag zegt de commandant dat we niet naar huis mogen. Weer een teleurstelling. We moeten Maandag met een trans …Wij waren bevrijd. Na een verblijf van 16 dagen in Oberhausen vertrokken wij 1 Mei met Amerikaanse wagens naar Valkenburg. Na 21 dagen hier gedwongen te moeten verblijven mochten we 21 Mei eindelijk nar huis. Welk een blijde thuiskomst. Alles was thuis nog gewoon als bij het vertrek. Ons dorp had veel geleden. Onze mooie kerk en klooster waren verwoest.Zoodra dit mogelijk is, komen wij u eens bezoeken.Ik ga hier mijn brief eindigen en dank u van hieruit voor de hartelijkheid welke we bij u hebben genoten en voor de goede gaven welke we bij u hebben ontvangen. Met de hartelijkste groeten van ons allen.Moeder, Koen, Christien en Jan.Deze brief schreef Sjeng Giesberts naar ’n adres in Duitsland waar zij tijdelijk onderdak en eten kregen.Wulfine Rusre GartenwegGantinnong 68DuitsslandMülheimValkenburg 19 Mei 1945.Lieve Moeder, Broer en Zuster.Als u dit schrijven ontvangt zijn wij al weer enkele dagen dichter bij onze verlossing gekomen. Wat was ik blij toen Coen gisteren in Valkenburg aankwam. Moeder ik dank u voor die heerlijkheden. Ze komen ons hier goed van pas. Ik had gedacht dat het hier beter was. Het middageten is hier soms niet te eten en zeer weinig. Het brood is goed, maar ookte weinig. Wij hoorden ’s avonds toen Coen weg was dat we voorlopig nog wel niet naar huis zouden komen. Ik was zoo graag weg hier uit Valkenburg. Moeder, als er weer iemand kan komen hoeft u geen lekkernijen mee te geven. Een roggebrood is mij zeer welkom. Smeer krijgen we zeer weinig. Had ik maar wat stroop en een klein beetje boter. Het vlees was een ware lekkernij en de mik was heerlijk. Koen denk nog eens flink aan tabak als je er nog hebt. De heele dag niets te doen dan rusten eten en rooken. Wat is dan gauw en hand vol bladeren opgerookt. Dus als het gaat zou ik een half pond blaren kunnen gebruiken. Geef mij wat geld mee, ik heb niets op zak. Kun je niet wat enveloppen met postzegels meegeven? Stien ik dank je voor het schoone goed. zou je me niet de blauwe broek, waarvan de jas in Viersen verbrand is mee kunnen geven. Mijn broek is helemaal stuk. Kan jij ook als het nog wat duurde maar eens naar Valkenburg komen. Maar dit is natuurlijk te ver.Als ik thuis ben gaan we spoedig samen eens naar Asten. Moeder ik hoorde dat u in Asten bent geweest in het klooster. Wat zal Tru blij zijn geweest. Alles is thuis gelukkig goed verloopen. Als ik thuis ben en de honger te boven zal ik mijn best doen dat we dit halve rampjaar weer spoedig vergeten. Stien, kun je niet zorgen dat mijn schoenen bij Boots klaar komen. De goede landschoenen ook laten lappen.Maar je zult het hiervoor wel te druk hebben. Moeder, geeft de koe flink melk. Hoe gaat het loopen naar de kerk nog? Wij zullen elkaar nu toch heel spoedig weerzien na deze lange scheiding. Ik ga mijn brief eindigen. Dus Koen, denk vooral aan flink wat tabak. Het is onze eenige afwisseling en koop als het gaat een goed paard.In afwachting en hopend op een spoedig weerzien.